In de antwoorden van mijn leerlingen zit er van alles erin. Geen enkel leerling heeft hetzelfde antwoord.
Ik denk dat het een leuk gesprek gaat worden met de tweede corrector.
voorbeeld:
Ze krijgt vaak vakantie
„hij krijgt regelmatig vakantie“/ of hij krijgt ondersteuning? Dat „hij“mag ik toch niet goedkeuren?