ga naar letter A t/m L
- M
- maar
- maken
- man of du gebruiken ?
- manch.. = menig, sommige (woord van de DER-groep)
- me: persoonlijk | wederkerend
voornaamwoord
- meervoud van zelfstandig naamwoord
- meewerkend voorwerp
- men = man
- menig = manch.. (woord van de DER-groep)
- met = mit+3
- met behulp van = mithilfe+2
- met z'n (tweëen, driëen etc.) = zu zweit, zu dritt, zu viert enz.
- mij: persoonlijk | wederkerend
voornaamwoord
- mijn = mein.. (woord v.d. EIN-groep) [LET OP: mijn hand, mijn been, mijn
oog enz.
- mit+3 = met
- mittels+2 = door middel van
- möchten = willen, zou graag willen
- moeten
- mogelijkheidsvorm van werkwoorden
- mogen, aardig vinden = mögen
- mogen, toestemming hebben = dürfen
- mögen
- müssen
- müßten = zou moeten
- [terug naar boven]
- N
- na = nach+3
- naamval
- naamwoordelijk deel v.h. gezegde
- naar
- naar aanleiding van = anläßlich+2
- naar beneden
- naar binnen
- naar boven
- naar buiten
- naast = neben+3+4
- nach+3 = naar, volgens
- neben+3+4 = naast
- net = in de betekenis: zojuist: Hij kwam net binnen - Er kam gerade
herein. / in alle andere gevallen: klik hier
- net als = wie
- net zo ... als = genauso ... wie / ebenso
... wie
- niemand = niemand
- niet ... maar = nicht ... sondern
- niet alleen ... maar ook = nicht nur ...
sondern auch
- [terug naar boven]
- O
- ob = of
- oder = of
- of
- offen = open
- ohne+4 = zonder
- om = um+4, zie ook
- omdat = weil. zie ook plaats van de
persoonsvorm
- omheen
- ondanks = trotz+2
- onder = unter+3+4
- onderwerp
- ons = bezittelijk (v.d. EIN-groep) | persoonlijk | wederkerend voornaamwoord
- onze = unser.. (woord v.d. EIN-groep)
- ook al = wenn ... auch [ook al regent het = wenn es auch regnet]
- op = auf+3+4, zie ook hier
- open
- over = über+3+4, zie ook hier
- [terug naar boven]
- P
- persoonlijk voornaamwoord 52
- persoonsvorm: plaats in de zin
- persoonsvorm: plaats in de zin bij
gebruik van weil en denn
- plaatsen (woonplaatsen): bijvoeglijk
naamwoord van woonplaatsen
- procent
- [terug naar boven]
- R
- rangtelwoorden
- Ringel-s
- rond
- [terug naar boven]
- S
- -s of -es achter zelfst. naamw. in tweede
naamval mnl. en onz. ?
- s-klanken
- ß of ss?
- sagen : in de betekenis zeggen tegen: +3
- samengestelde woorden: geslacht
- schon = wel
- sein : werkwoord | bezittelijk
voornaamwoord (v.d. EIN-groep)
- seit+3 = sinds
- sich gewöhnen an+4 = wennen aan
- sich verlieben in+4 = verliefd worden op
- Sie of du gebruiken?
- sinds = seit+3
- solch.. = zulke (woord van de DER-groep)
- sollen
- sommige = manch.. (woord v.d. DER-groep)
- soms = manchmal
- sondern of aber?
- spijten = leid tun+3 36
- ss of ß?
- staan te, liggen te enz.
- statt+2 = in plaats van
- sterke werkwoorden
- [terug naar boven]
- T
- tegen = gegen+4
- tegemoet = entgegen+3
- tegenkomen = begegnen+3
- tegenover = gegenüber+3+4
- telwoorden: getallen
- terwijl = während [LET OP: in
deze betekenis zonder naamval!]
- tijdens = während+2
- tijdsbepalingen
- t/m = bis+4
- toch
- toen
- tot = bis+4
- tot en met = bis+4
- trauen+3 = vertrouwen
- trappen van vergelijking
- trotz+2 = ondanks
- tussen = zwischen+3+4
- tweede naamval | voorzetsels met de 2e naamval
- [terug naar boven]
- U
- u = persoonlijk voornaamwoord
- über+3+4 = over, boven
- übrig = over
- uit = aus+3
- uitgang: van werkwoorden | naamvallen
| van meervoud zelfst. naamwoord
- um+4 = om,
rond
- Umlaut
- unter+3+4 = onder
- Uw = Ihr.. (woord v.d. EIN-groep)
- [terug naar boven]
- V
- vaak = oft
- van = von+3
- vanaf = ab+3
- vanwege = wegen+2
- veel = viel.. [ LET OP: soms
zonder uitgang]
- vergelijking, trappen van
- verkleinvormen van zelfstandig naamwoord
- verleden tijd: zie werkwoorden
- verliefd worden op = sich verlieben in+4
- vertrouwen = vertrauen+3
- via = über (hier: +4)
- viel.. : met of zonder uitgang ?
- vierde naamval | voorzetsels met de 4e | 3e of 4e
| werkwoorden met de 4e
- volgen = folgen+3 [ een spoor volgen, een TV-serie volgen enz. =
verfolgen+4]
- volgens = nach+3
- volgorde van woorden in de zin
- voltooid deelwoord: zwakke | sterke werkw. | met haben i.p.v. sein
- von+3 = van, door
- voor
- voornaamwoorden
- voorzetsels met tweede | derde | vierde | derde of vierde naamval
- voorzetsel en lidwoord samentrekken
- vor+3+4 = voor, geleden
- vragen
- vragend voornaamwoord
- vroeger = in de betekenis toen: damals,
anders: früher
- [terug naar boven]
- W
- waaraan = als vragend voornaamwoord:
woran
- waardoor = als vragend voornaamwoord:
wodurch
- waarin = als vragend voornaamwoord:
worin
- waarmee = als vragend voornaamwoord:
womit
- waarop = als vragend voornaamwoord:
worauf
- waarover = als vragend voornaamwoord:
worüber
- waarvan = als vragend voornaamwoord:
wovon
- waarvoor = als vragend voornaamwoord:
wofür
- während = gedurende, tijdens: dan voorzetsel
2e naamval
- wann of wenn?
- wanneer
- want = denn
- waren er = gab es+4
- wären = zou zijn
- was er = gab es+4
- was für: welke naamval krijg je dan?
- wederkerend voornaamwoord
- wegen+2 = wegens
- wegens = wegen+2
- weinig = wenig.. [LET OP: Soms
zonder uitgang ]
- wel
- welch.. = welke, enkele (woord van de DER-groep)
| zie ook bijzonderheden
- weliswaar .. maar = zwar .. aber (voorbeeldzin)
- welke = welch.. (woord v.d. DER-groep) |
zie ook bijzonderheden
- wenn = als, indien
- wennen aan = sich gewöhnen an+4
- wenig.. : met of zonder uitgang ?
- werden = worden/zullen
- werkwoorden
- weten = wissen
- wie: vragend voornaamwoord
- wiens: betrekkelijk | vragend voornaamwoord
- willen
- wissen
- wohl = wel
- wollen
- woonplaatsen: hoe maak je bijvoeglijk
naamwoord?
- woordvolgorde in de zin
- worden/zullen = werden
- worden in de lijdende vorm
- wüßten = zou weten
- [terug naar boven]
- Z
- zeggen tegen = sagen+3
- zelfstandige naamwoorden
- zeven x -(e)n woorden
- zich = sich
- zijn = bezitt. voornaamwoord: sein.. (woord van de EIN-groep) | werkwoord sein
- zijn er = gibt es+4
- zijn van = gehören+3
- zinsvolgorde
- zitten te, liggen te enz.
- zoals = wie
- zo ... als = so ... wie
- zo'n = solch.. (woord v.d. DER-groep)
- zonder = ohne+4
- zou hebben, zou zijn, zou komen enz.
- zouden
- zowel ... als ook = sowohl ... als auch
- zu+3 = te, naar
- zulke = solch.. (woord van de DER-groep)
- zullen
- zwakke werkwoorden
- zwar = wel, weliswaar
- zwischen+3+4 = tussen 40
- [terug naar boven]