uitleg
Een bijvoeglijk naamwoord zegt meestal iets van een zelfstandig naamwoord:
bijvoorbeeld:
De blinde man stak de straat
over.
Maar soms kan datzelfde bijvoeglijk naamwoord ook zonder zelfstandig
naamwoord gebruikt worden:
De blinde stak de straat over.
In dat geval wordt het zelfstandig gebruikt. In het Duits
krijgt zo'n zelfstandig gebruikt bijvoeglijk naamwoord dan dezelfde uitgangen als
die van het gewone bijvoeglijk naamwoord. En omdat het eigenlijk een zelfstandig naamwoord
is geworden ook een hoofdletter.
voorbeelden
1e naamval, DER-groep:
in plaats van:
Der blinde Mann überquert die
Straße. (= De blinde man steekt de straat over.)
kun je ook zeggen:
Der Blinde überquert die Straße. (= De blinde steekt de
straat over.)
in plaats van:
Die blinde Frau überquert die
Straße.
kun je ook zeggen:
Die Blinde überquert die Straße.
1e naamval, EIN-groep:
in plaats van:
Ein blinder Mann überquert die
Straße.
kun je ook zeggen:
Ein Blinder überquert die Straße.
in plaats van:
Eine blinde Frau überquert die
Straße.
kun je ook zeggen:
Eine Blinde überquert die Straße.
3e naamval, EIN-groep:
in plaats van:
Sie ist mit einem blinden Mann verheiratet.
(Ze is met een blinde man getrouwd.)
kun je ook zeggen:
Sie ist mit einem Blinden verheiratet. (Ze is met een blinde
getrouwd.)
voor welke woorden geldt dit?
zelfstandig gebruikte bijvoeglijke naamwoorden
de ambtenaar - der/die Beamte
de deskundige - der/die Sachverständige
de dode - der/die Tote
de Duitser - der/die Deutsche
het familielid - der/die Verwandte
de kennis - der/die Bekannte
de omstander - der/die Umstehende
de reiziger - der/die Reisende
de verloofde - der/die Verlobte
de volwassene - der/die Erwachsene
de vrijwilliger - der/die Freiwillige
de werkloze - der/die Arbeitslose
de zieke - der/die Kranke
en woorden als:
het mooie - das Schöne
iets moois - etwas Schönes
het goede - das Gute
iets goeds - etwas Gutes
het nieuwe - das Neue
iets nieuws - etwas Neues
het oude - das Alte
iets ouds - etwas Altes
enz.
overzicht van alle vormen v.h.
zelfst. gebruikt bijv. naamwoord