tekstwoordenschat: veel voorkomende woorden in tekstvragen [1/6]
Kies het juiste antwoord bij elke vraag.
In welchem Absatz steht das?
- kopje
- alinea
- regel
- kolom
Wo wird das angedeutet?
- verklaard
- ontkend
- gezinspeeld
- beweerd
Die Ansicht des Verfassers
- mening
- opvatting
- uiterlijk
Die Ansicht des Verfassers
- verhuizer
- auteur, schrijver
- columnist
- samenvatting
Wie äußert er sich darüber?
- äußern = ergeren
- äußern = informeren
- äußern = fulmineren
- äußern = uiten
Welche der folgenden Aussagen
?
- ontkenningen
- uitspraken
- oplossingen
- tegenstellingen
Was beanstandet er also?
- tot uitdrukking brengen
- maakt bezwaar tegen
- ontkent
- bevestigt
Was beanstandet er also?
- dus
- ook
- destijds
- daarnaast
Was meint der Verfasser?
- bedoelt
- meent
- bewijst
- beweert
Wie wird das begründet?
- opgericht
- accent gelegd
- aangedragen
- onderbouwd, gemotiveerd