menu

Het "Derde Rijk"

De nationaal-socialisten, onder leiding van hun 'Führer' Adolf Hitler grepen in 1933 de macht. Volgens Hitlers propaganda was - na het middeleeuwse keizerrijk en het keizerrijk van 1871-1918 - daarmee het Derde Rijk begonnen, dat ook wel het Duizendjarige Rijk genoemd werd. Hitler ontketende een nieuwe oorlog, die miljoenen slachtoffers en de ondergang van Duitsland betekende.



Tweede Wereldoorlog
1939-1945

special:
Kinderen tijdens de Hitler-dictatuur

De machtsgreep

In januari 1933 werd Hitler door Rijkspresident Von Hindenburg tot Rijkskanselier benoemd. In zijn eerste kabinet waren slechts drie van de elf ministers lid van zijn NSDAP. Conservatief-nationale tegenstanders hoopten, dat al snel zou blijken dat Hitler een slechte leider zou zijn, zodat zij de macht over zouden kunnen nemen. De aanstaande verkiezingen van 5 maart zouden duidelijkheid moeten brengen.

In de aanloop naar de nieuwe verkiezingen van maart 1933 deinsden de nationaal-socialisten (nazi's) niet terug voor om tegenstanders, en vooral de communisten en sociaal-democraten, met alle middel van de terreur te bestrijden. Kort voor de verkiezingsdatum ging het parlementsgebouw van de Rijksdag in vlammen op [zie: special Rijksdag]. De brand bleek aangestoken te zijn, volgens de nazi's door communisten. Het bewijs hiervoor is nooit geleverd, maar het kwam de nazi's goed uit.

Onmiddellijk werd een verordening afgekondigd, waarin de belangrijkste grondrechten opgeheven werden: persoonlijke vrijheid, recht op vrije meningsuiting, recht op hij houden van bijeenkomsten, opheffing van het brief-, post- telegraaf- en telefoongeheim enz. Dit alles om het "communistische, staatsbedreigende terrorisme" een halt toe te roepen. 

De nazi's behaalden in maart 1933 44% van de stemmen en werden daarmee de grootste partij in de Rijksdag. Kort nadat de nieuwe Rijksdag bijeen kwam, werd een wetsontwerp ter stemming ingebracht, dat het de regering voor 4 jaar mogelijk moest maken om zonder parlement te regeren, het Ermächtigungsgesetz. De Rijksdag moest dus feitelijk over zijn eigen overbodigheid stemmen. De nog aanwezige leden van de sociaaldemocraten - de communisten waren afwezig of zaten al in de gevangenis - stemden tegen, maar de wet werd toch aangenomen. De dictatuur was daarmee een feit. In de daarop volgende tijd werden alle partijen en vakbonden buiten de NSDAP verboden werden en duizenden politieke tegenstanders bedreigd of opgepakt werden om in de eerste concentratiekampen te eindigen.

In 1934 stierf Hindenburg. Hitler noemde zichzelf nu "Führer und Reichskanzler", waarmee hij zich ook het presidentiële ambt toeeigende.

vervolg: het nationaal-socialisme
"Ein Volk, ein Reich, ein Führer"
De Rijkspartijdagen van de NSDAP waren gigantische propaganda-bijkeenkomsten, die elk jaar (tot 1938) in Nürnberg gehouden werden. Het aantal deelnemers bedroeg tot zo'n 500.000. Alles draaide hier om de theatrale enscenering van de persoon van de Führer, die daar zijn beruchte toespraken hield. Ter ere van de Führer werd er volop gemarcheeerd en talloze jongeren, soldaten en andere groepen getrouwelingen legden de eed op hem af. Met een arsenaal aan pseudo-religieuze rituelen in een modern jasje (met film, geluidseffecten, radioreportages enz.) betoonde men steun aan de Führer, het rijk, het land. Niet voor niets luidde een bekende propaganda slogan: "Ein Volk, ein Reich, ein Führer"
Het ging dus niet over de richting van de partij en eventuele discussie daarover, zoals je dat bij een normale politieke partij zou kunnen verwachten. Die richting bepaalde immers de Führer. 

naar de inhoudsopgave
home

vorige pagina | inhoud

© de geschiedenis van Duitsland is een project van www.duits.de
1997-2006