Werkwoorden Naamvallen Zelfstandig naamwoord Voornaamwoord Getallen Overige
onregelmatige
zwakke | sterke
met haben/sein
met vaste naamval Konjunktiv
Lijdende vorm
Wanneer welke?
DER- | EIN-groep  
bijvoeglijk naamwoord
voorzetsels en
werkwoorden met naamvallen
bijzonderheden

TIP: naamvalmachine
hoofdletter of kleine ?
der, die of das ?
samengestelde woorden
meervoud maken
verkleinvormen
betrekkelijk
persoonlijk
wederkerend
vragend
hoofdtelwoorden
rangtelwoorden
breuken
ein of eins?
procenten
trappen van vergelijking
vergelijkingen maken
persoonlijke brief
zakelijke brief
+
héél veel kleinere tips en uitleg!

 

Werkwoorden > werkwoorden met het hulpwerkwoord haben i.p.v. sein

Soms verwacht je in het Duits bij een voltooid deelwoord een vorm van sein, omdat dat het meest lijkt op het Nederlands. Maar je zegt bijv. niet: "Ich bin Geburtstag", maar "Ich habe Geburtstag" (Ik ben jarig)

Bij een aantal werkwoorden krijg je dus een ander hulpwerkwoord: haben.

Ook in het Engels komt dat voor. Je zegt niet: "I am forgotten it." maar: "I have forgotten it." 
En in het Frans zeg je ook niet: "Je suis vingt ans" maar "J'ai vingt ans."

Kijk goed naar de verschillen tussen het Nederlands en het Duits:

  • afvallen, afnemen
    Ze is flink afgevallen.
    - Sie hat ordentlich abgenommen.
  • bang zijn
    Ze is bang voor oorlog.
    - Sie hat Angst vor dem Krieg.
  • beginnen
    Het is gisteren begonnen.
    - Es hat gestern begonnen.
  • beginnen
    Het is gisteren begonnen.
    - Es hat gestern angefangen.
  • bevallen
    Het is me goed bevallen.
    - Es hat mir gut gefallen.
  • jarig zijn
    Hij is jarig.
    - Er hat Geburtstag.
  • overgaan, voorbij gaan
    Het onweer is over/voorbij gegaan.
    - Das Gewitter hat nachgelassen.
  • ophouden
    Na een uur is hij gestopt.
    - Nach einer Stunde hat er aufgehört.
  • toenemen
    Het gevaar is toegenomen.
    - Die Gefahr hat zugenommen.
  • trouwen
    Ze is toen met een ander getrouwd.
    - Sie hat dann einen anderen geheiratet.
  • vergeten
    Hij is het vergeten.
    - Er hat es vergessen.


 

Zoeken op trefwoord:  A - B - C - D - E - FG - H - I - J - K - LM - N - O - P - R - S  - T - U - V - W - Z
 
TIP: In het boekje Duits in je pocket heb je de belangrijkste grammatica + allerlei tips over de Duitse taal bij de hand!

Via Google zoeken binnen deze opzoekgrammatica Duits:

© Copyright  www.duits.de / Paul Goossen